Bij die beschikking heeft het hof drs. L. Klaver, p/a Mediation-House, Oirschotseweg 17, [postcode] [kantoorplaats] , benoemd tot bijzondere curator ten behoeve van de belangenbehartiging van [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum] 2002 te [geboorteplaats] , en
[minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum] 2004 te [geboorteplaats] ,
beiden wonende te [postcode] [woonplaats] aan het [adres] ,
en met de navolgende taakomschrijving:
Drs. Klaver wordt verzocht de belangen van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] in dezen te behartigen, voor zover nodig zowel in als buiten rechte. Het gaat in het bijzonder om een onderzoek naar de vraag waar de weerstand van de kinderen om in contact te treden met de vader vandaan komt, of er nog mogelijkheden zijn om tot vermindering of opheffing van die weerstand te komen zodanig dat contact tussen de vader en de kinderen mogelijk is en, zo ja, hoe dat contact dan vorm gegeven zou kunnen worden.
Het hof verzoekt de bijzondere curator daartoe één (individueel) gesprek, en indien nodig meerdere (individuele)gesprekken, te voeren met [minderjarige 1] en [minderjarige 2] en indien en voor zover de bijzondere curator dat nodig acht, ook met de ouders of met een van hen.
GHDHA:2018:3422
GHSHE 2017 2485
Ter zitting heeft de rechtbank reeds met de ouders de mogelijkheid besproken van het gelasten van een zogenaamd ouderschapsonderzoek. Dit betreft een deskundigenbericht in de zin van artikel 194 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna te noemen: Rv).
De rechtbank benadrukt dat ouders op grond van artikel 198 lid 1 Rv verplicht zijn mee te werken aan het ouderschapsonderzoek. Indien (één van) de ouders niet aan deze verplichting voldoen, kan de rechtbank daaruit de gevolgtrekking maken die de rechtbank geraden acht.
http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI%3ANL%3ARBLIM%3A2015%3A11368
Alleen maar bezwaar van een ouder is geen reden voor ontbreken contact met de andere ouder.
googelt u GHARL 2015 2069
Ook wie ouderlijk gezag heeft kan "aan het gezag onttrekken"
googelt u GHDHA 2014 2383
Op 6 december 2005 heeft de rechter in Alkmaar duidelijk gemaakt dat rechterlijke uitspraken ook voor bureau jeugdzorg gelden: zij staan niet boven de wet en de rechter
Het buitengewoon grote belang van de juiste woorden tijdens de rechtszitting, en misschien van het vermogen non-verbaal een beroep te doen op de rechter als redder, blijkt uit een vergelijking van de volgende twee zaken
googelt u GHARL 2068
googelt u GHSHE 2015 245
Samenvatting: Moeder verzoekt om zorgregeling met kind. Rechtbank wijst af. De moeder komt in hoger beroep. Kind laat enorme weerstand zien richting zijn moeder. Hof gelast bij tussenbeschikking deskundigenonderzoek en zet daarna mondelinge behandeling voort. Kind (13 jaar oud) is verschenen voor kinderverhoor, maar heeft gedurende dit verhoor niet met hof willen spreken. Deskundigen adviseren tot afwijzing verzoek, evenals de stichting en de raad. Hof wijst verzoek van de moeder bij eindbeschikking evenwel toe, mede gelet op HR 14-01-2014 en nu niet is gebleken dat voldaan is aan de ontzeggingsgronden van artikel 1:377a lid 3 BW.
googelt u GHSHE 2015 77
googel RBAMS:2013:7841 en u kunt de hele beschikking lezen.
De rechtbank Haarlem is het jaar 2010 heel goed begonnen: een kind wordt niet uit huis geplaatst, maar gaat gewoon bij haar vader wonen.
Uitspraak Rechtbank Haarlem d.d. 26 januari 2010
"¦ waarbij de rechter door partijen in de gelegenheid wordt gesteld ook kennis te nemen van de houding en lichaamstaal van die procespartijen, die "¦