Stichting KOG
U bekijkt nu de pagina: Jurisprudentie i.v.m. uithuisplaatsing
<< vorige pagina   
print pagina
 

Probeer het pleeggezin, bijvoorbeeld van de grootouders, met name genoemd in de beschikking te krijgen

Jurisprudentie i.v.m. uithuisplaatsing >>

Vast staat dat [de minderjarige] met een machtiging van de kinderrechter (uithuisplaatsing bij pleegouder(s)) uit huis is geplaatst en thans bij haar grootouders (mz) woont. Anders dan de stelling van de ouders, is de voorzieningenrechter van oordeel dat er geen sprake is van een machtiging tot plaatsing binnen een specifiek pleeggezin, in dit geval de grootouders (mz). De voorzieningenrechter leest in de beschikking van de kinderrechter van 16 januari 2014 niet dat de termijn van de machtiging tot uithuisplaatsing bij dit specifieke pleeggezin is verlengd. Van een bij naam genoemd netwerkpleeggezin is immers geen sprake. Dat grootouders als pleegouders worden vermeld in de kop en lichaam van de beschikking is juist, doch is geen reden voor de conclusie dat de verlening van de machtiging tot uithuisplaatsing bij pleegouders beperkt is tot het specifieke (netwerk)gezin van de grootouders. De grootouders fungeren op dit moment immers feitelijk als pleegouders en zijn derhalve zo benoemd.


Ga terug