Stichting KOG
U bekijkt nu de pagina: Nuttig om te weten
<< vorige pagina   
print pagina
 

GA NIET ZITTEN BABBELEN

Nuttig om te weten >>

Tips voor gebruikers van jeugdzorg : Ga niet zitten babbelen

Op het moment dat u bij een hulpverlener bent beland, is er vaak al veel gebeurd. U zoekt pas hulp als het echt niet meer gaat en mogelijk hebt u eerst op een wachtlijst gestaan. Het is voorstelbaar dat u in het eerste gesprek uw hele leed bij uw hulpverlener op schoot kiepert. Dat lucht op, eindelijk iemand die naar u luistert en het probleem aan gaat pakken!

Hier kan er toch iets helemaal mis gaan. Het is verstandig op de eerste gesprekken weloverwogen te voeren. Zeg duidelijk wat het probleem van uw kind is en wat u zelf als oorzaak van het probleem ziet. Sommige hulpverleners vragen u naar uw motivatie voor de adoptie, de verwerking van kinderloosheid  en naar uw eigen jeugd. Ga daar niet op in. Blijf bij het probleem van uw kind. Wat u vertelt wordt genoteerd en u hebt geen recht op wijziging en correctie. Formeel hebt u correctierecht maar b.v. Bureau Jeugdzorg vindt dat dit alleen geldt voor controleerbare gegevens. Als een geboortedatum fout in het dossier staat kan dit wel gecorrigeerd worden. Wanneer u vindt dat uw woorden onjuist weergegeven zijn bent u afhankelijk van de welwillendheid van de hulpverlener. U kunt een correctie niet afdwingen. Ook niet als het gaat over de weergave van uw eigen woorden.

Door ervaring wijs geworden heb ik zelf bij de laatste hulpverlener van onze dochter (15 jaar) vooraf aangegeven dat ik het gespreksverslag wilde lezen. “……Ze moet van haar ouders werken…….” kwam ik in de tekst tegen. Dat had ik inderdaad gezegd, maar niet vermeld was dat ze al van drie scholen afgestuurd was en dat school echt geen optie meer was. Thuis zitten was dat wat ons betreft ook niet en daarom “moest ze van haar ouders gaan werken”. Ook door zaken weg te laten kan er een scheef beeld ontstaan. Gelukkig wilde deze hulpverlener dit corrigeren.

Mensen die het in hun jeugd slecht hebben getroffen met hun ouders, lopen een grotere kans zelf slechte ouders te worden. Als u dus vertelt dat u vroeger te kort bent gekomen, vertelt u al bijna dat u zelf uw eigen kinderen niet kunt opvoeden. Daarom is het zo gevaarlijk in te gaan op vragen over uw familie of over uw eigen jeugd.

Als u problemen hebt gehad, bijvoorbeeld in uw relatie of uw baan of met de familie en daar bovenop een probleem met uw kind, is het verleidelijk om dit allemaal te noemen.
Doe dat niet! Hou het bij het probleem van uw kind.

Als u met een instantie over uw kind praat, moet u altijd goed op uw woorden passen.

‘Ik kan hem wel de nek omdraaien’ is misschien gewoon uw manier van praten. Maar u kunt wel verzinnen wat daar van kan komen.

Kijk ook heel goed uit als u iets over u zelf zegt. ‘Ik dacht toen, het hoeft voor mij niet meer.’ Misschien bedoelt u dat u toen de toekomst somber inzag. Maar het zou niet de eerste keer zijn dat een kind werd weggehaald omdat de hulpverlening dacht dat die ouder een eind aan zijn leven wou maken.

Praat met instanties in de eerste gesprekken alleen over de problemen waar die instanties voor zijn. Ook met school en thuiszorg. Overdrijf niet (om sneller hulp te krijgen), vertel niet over het verleden, maak geen grappen: het kan alleen maar misverstanden geven. Vertel zo duidelijk en zo zakelijk mogelijk wat u te vertellen hebt.

Uw hart uitstorten doet u maar in het café op de hoek.

Ga niet zitten babbelen!

Hier heeft iemand zitten babbelen: Het hof overweegt als volgt. Uit het overgelegde raadsrapport blijkt dat de ouders al voor de geboorte van [de minderjarige] regelmatig ruzie hadden met elkaar.
En hier ook: niet dat terugplaatsing thans tot de mogelijkheden behoort. Daarbij weegt het hof mee dat de moeder, alhoewel haar situatie ten positieve is veranderd, kwetsbaar is vanwege haar psychische gesteldheid en belaste verleden.
En hier:
 Deze zorgen houden verband met signalen die bij de GI binnenkwamen over het alcohol- en agressieprobleem van de vader, zijn gewelddadige gedrag richting de moeder, de onduidelijkheid over de relatie van de ouders, de weigering van de moeder om mee te werken aan een ouder/kindplaatsing in Valkenhorst en het feit dat er mogelijk sprake was van een verhuizing naar België waardoor de kinderen aan het zicht van de GI zouden worden onttrokken. Op grond van deze feiten en omstandigheden is het hof van oordeel dat de keuze voor een spoedmachtiging, zonder voorafgaande bespreking hiervan met de ouders, juist is geweest. 


Ga terug