Stichting KOG
U bekijkt nu de pagina: Nuttig om te weten
<< vorige pagina   
print pagina
 

Veel gestelde vragen

Nuttig om te weten >>

MisschienIk heb bezwaar tegen van alles en nog wat in de opvoeding van mijn kinderen. Kan ik gezagswijziging of wijziging verblijfplaats vragen?
Iedereen kan van alles vragen, maar je krijgt het niet. Als de kinderen niet mishandeld of zwaar verwaarloosd worden is het echt onmogelijk dat het verzoek toegewezen wordt. De andere ouder is door dit verzoek aan de rechter zo bang gemaakt, dat die misschien alle contact met de kinderen verder onmogelijk zal maken. Doe het dus niet!

Mijn ex wil de achternaam van de kinderen veranderen. Kan ik dat tegenhouden?
In theorie wel tot het kind 12 jaar is, in de praktijk eigenlijk niet. Justitie kijkt er o.a. naar of er nog contact is. Als er geen contact meer is, is dat een argument om de wijziging toe te kennen. Hoe het komt dat het contact verbroken is, interesseert de ambtenaar in kwestie niet. Het is wel zo, dat een kind van 12 jaar of ouder de verandering kan tegenhouden. Maar als de situatie zo is, dat er voor het kind naamsverandering wordt gevraagd, wil (kan) het kind dat waarschijnlijk niet meer.
Een overweging om de naamswijziging niet tegen te houden: als dat wel lukt gaat het kind waarschijnlijk op zijn 18e verjaardag naamswijziging aanvragen en dan zit hij zijn hele leven vast aan een naam die niet zijn eigen naam is. Als het nu doorgaat, kan het kind als hij meerderjarig is altijd nog zijn eigen naam terugkrijgen.

Wij zijn uit elkaar en contact met mijn kinderen wordt, tegen alle afspraken in, onmogelijk gemaakt. Wat doe ik?
Als u gezag hebt en de rechter nog niet de verblijfplaats van de kinderen (voorlopig) bij de andere ouder heeft bepaald, moet u zich afvragen of u de kinderen misschien gewoon uit school moet halen en bij u houden.
Als er wel een (voorlopige) verblijfplaats is bepaald of de ouder geen gezag heeft, moet u alles proberen om weer contact met de kinderen te krijgen: Stuur er iemand op af voor wie uw ex respect heeft, laat die met hem/haar praten. Schakel een beroepsbemiddelaar in als de andere ouder daaraan mee wil werken. Wordt dit allemaal geweigerd, dan zit er niets anders op dan de rechter in te schakelen. Het is dan wel oorlog, maar er is toch niets meer te verliezen. (De veelgeroemde “rust” levert nooit iets op.) Als het zover komt, wordt tijd belangrijk. Als de kinderen een ouder eenmaal een aantal maanden niet gezien hebben, wordt dat op zichzelf voor een kinderrechter soms een argument tegen contact. Zoek daarom een advocaat die thuis is in de materie en span een kort geding aan om contact met de kinderen te kunnen hebben.
Komt er geen contact tot stand of valt het weer weg, wend u dan tot de rechter. Als er een regeling is vastgesteld, is het afwachten of die wordt nagekomen. Als dat niet het geval is, laat dan geen tijd verloren gaan (zie boven) maar vraag een dwangsom. Sommige rechters leggen die op, andere doen dat niet maar zoeken een andere ‘oplossing’: een onderzoek door de raad voor de kinderbescherming. Als de rechter een onderzoek door de raad heeft bevolen, schuift de raad de zwarte piet soms weer door naar een extern deskundigenbureau. Ondertussen gaan maanden voorbij. Als u eindelijk aan de beurt bent bij de raad voor de kinderbescherming, moet u heel goed uitkijken wat u zegt. Pas op, u bent niet boos, alleen maar erg bezorgd. U mist de kinderen erg en bent ervan overtuigd dat de kinderen u ook missen, en dat het niet goed is voor kinderen om een ouder te verliezen. Laat het daarbij. Zeg ook niets negatiefs over een eventuele nieuwe liefde en de rol die deze misschien speelt in het verbreken van het contact. U bent alleen maar bezorgd en maakt helder dat u er werkelijk alles voor over hebt om een regelmatig contact met de kinderen te onderhouden. Overigens wilt u helemaal niet tornen aan het gezag van de andere ouder of u met de opvoeding bemoeien. U kent uw plaats. U bent een doodgewone, goede ouder, uw ex is een doodgewone, goede ouder, daar gaat het allemaal niet om: u wilt de band met de kinderen niet verliezen. U wilt ze dus regelmatig zien. U wilt dat ze weten dat u nog altijd precies evenveel van ze houdt. Laat u niet verleiden om uw hele ziel en zaligheid op tafel te leggen. Weiger vriendelijk doch beslist om over uw eigen jeugd te vertellen, want daar kan altijd iets in gevonden worden dat in de kraam van het raadsonderzoek te pas komt en niet in uw kraam! Kijk uit dus: u hebt een doodgewone jeugd gehad met doodgewone ouders (de raad controleert dit soort zaken nooit) en daar gaat u niet verder over praten, want het enige wat u wilt is contact met uw kinderen. U bent een doodgewone ouder, daar valt eigenlijk helemaal niets aan te onderzoeken.

Ik heb alles geprobeerd, tot en met omgangsregeling door de rechter vastgesteld, maar ik heb geen contact met mijn kinderen. Wat kan ik nog doen?
Eigenlijk niet veel, maar blijf proberen. Bel uw kinderen op, maar niet te vaak. Stuur ze een kaartje met een onschuldige tekst. Stuur ze een cadeautje met hun verjaardag. Wie er bezwaar tegen heeft dat een ouder opbelt om te feliciteren met een zwemdiploma, doet gek. Ga niet in die gekte mee. Het is niet abnormaal, het is juist gewoon. Het zou abnormaal zijn om het niet te doen. Wat u niet moet doen is proberen de kinderen te ontmoeten, bijvoorbeeld bij school of in het zwembad. De ervaring leert dat kinderen zich te pletter schrikken. Het verbod rust zo zwaar, dat ze niet meer kunnen voelen wat ze echt voor een ouder voelen. Tot de verzorgende ouder het goed vindt, of tot de verzorgende ouder een bevel van de rechter opvolgt, is het niet mogelijk de kinderen te ontmoeten. Het wordt namelijk hoogstwaarschijnlijk een heel akelige ervaring voor de kinderen en voor de ouder. Bovendien wordt het tegen hem gebruikt als er weer een rechter aan te pas komt.

Een bezoeker van deze website heeft ons de volgende e-mail gestuurd:
"Wat u niet moet doen is proberen de kinderen te ontmoeten, bijvoorbeeld bij school of in het zwembad. De ervaring leert dat kinderen zich te pletter schrikken. Het verbod rust zo zwaar, dat ze niet meer kunnen voelen wat ze echt voor een ouder voelen. Tot de verzorgende ouder het goed vindt, of tot de verzorgende ouder een bevel van de rechter opvolgt, is het niet mogelijk de kinderen te ontmoeten. Het wordt namelijk hoogstwaarschijnlijk een heel akelige ervaring voor de kinderen en voor de ouder. Bovendien wordt het tegen hem gebruikt als er weer een rechter aan te pas komt."

Beste,
Complimenten voor uw website, met goede info en respect voor uw acties die u onderneemt bij de overheid.
Bovenstaand kwam ik tegen op uw site, echter mijn ervaring leert totaal anders.

Gedurende 5 jaren verzorgde ik ieder weekend mijn zoon.
Totdat moeder moeilijk ging doen en de verzorging door mij stillegde. (mijn zoon was toen 7 jaar)

Vanaf het begin van de frustratie ben ik wekelijks 20 km naar mijn zoon gereisd, vanuit mijn woonplaats naar zijn woonplaats. Plus 20 km weer terug.

Ik ging op bezoek tijdens de pauzes van school, ging naar de zwemles in de avonduren, zelf als moeder de politie belde dat ik hen "lastig viel". Politie kwam nimmer opdraven in het zwembad.

Tevens ging ik elk weekend, dat mijn zoon door mij verzorgd diende te worden en moeder dit frustreerde, naar zijn huis toe en moeder om uitleg te vragen. Geen ophef maken maar gewoon vragen waarom ze mijn zoon de vader onthield.

Heel scherp staat mij voor ogen dat mijn zoon blij en enthousiast naar mij zwaaide als hij mij in het zwembad ontwaarde, blij en gelukkig liep mijn jongen op mij af op het schoolplein als ik even voor 15 minuten (wel 40 km heen en weer gereisd met openbaar vervoer !) contact met hem kon hebben.

Hoe kunt u schrijven dat kinderen zich te pletter schrikken, is de niet verzorgende ouder opeens een gevaarlijke gek voor het kind ? Het kind houdt altijd van mama en papa. Het kind begrijpt er niets van als hij mama of papa niet mag zien. Houdt mama of papa niet meer van mij ? Heb ik iets fout gedaan? Ik mis mama of papa ZO DENKT het kind!

Net zoals u als ouder kapot gaat als u uw kind niet mag zien, zo gaat ook uw kind kapot als hij de andere ouder opeens niet meer mag zien !!

Of dacht u dat kinderen dat gevoel niet hebben ? Dat ze dat gevoel niet hebben ik mis mijn papa of mama !!

Tot drie maal toe heeft moeder de politie gebeld bij haar huis, tot 3 maal toe heb ik beleefd de politie uitgelegd wat er speelde, ze begrepen me, stonden me bij met raad en daad.

Met een kortgeding hervatting omgang was de omgang weer hersteld, nimmer zijn de politionele
actie's een maatstaf bij de rechter of bedreiging voor de omgang geweest.

Eerder werd het de rechter ook duidelijk, deze vader laat zich niet de kaas van het brood eten !

Die komt op voor zijn recht !

Moeder kreeg ook heel duidelijk ( en beleefd) de boodschap van vader: Ik heb recht op mijn kind en ik zal doorgaan tot dat recht vervuld is.

Dit hielp, in de situatie dat ik dit allemaal niet zou hebben gedaan, had moeder rustig de omgang kunnen blijven blokkeren zonder enige pijn of moeite.Alleen af en toe even een uurtje naar een moeder-rechtbankje. Nu werd ze wekelijks aan de vader herinnerd, en inderdaad: die klootzak gaf het nooit op.

Nu woont onze zoon inmiddels bij mij, ben blij dat ik doorgezet heb, en niet geweken ben voor angst verhaaltjes dit en dat niet doen.

Ben altijd recht voor onze zoon opgekomen om zowel met mama als met papa contact te hebben.

En onthoudt Angst is ALTIJD en slechte raadgever. Oprechtheid en eerlijk opkomen voor je recht wint altijd.

Mag ik u dringend verzoeken de bovengemelde tekst op uw website aan te passen. Teveel vaders worden reeds lam gelegd met angst verhaaltjes. Tevens geeft het geen actie prolongeren van vader tegen moeder de moeder alle ruimte en inderdaad rust zodat ze rustig de omgang kan blijven blokkeren.

Echter voor het kind is dit geen rust. Het is elke dag weer pijnlijk de andere ouder te moeten missen en geeft immens veel ONRUST bij het kind, welke veroorzaakt wordt door de moeder.

Met dank, vriendelijke groet,
Paul.

Ik heb geen enkel contact met mijn kinderen, maar ik zou toch graag weten hoe het met ze gaat. Wat kan ik doen?
De verzorgende ouder heeft informatieplicht, maar ja … . Er is meer kans op succes bij de school en bij de huisarts. (Over de informatieplicht van de huisarts als het gaat om kinderen van 12 jaar en ouder zijn de meningen in de juridische wereld trouwens verdeeld.) Scholen hebben, evenals alle andere “derden die beroepshalve beschikken over informatie inzake belangrijke feiten en omstandigheden die de persoon van het kind of diens verzorging en opvoeding betreffen” informatieplicht. Menen zij redenen te hebben om die plicht niet te vervullen, dan kunt u eerst bij het bevoegd gezag (bestuur bij bijzondere school, gemeente bij openbare school), daarna bij de rechter terecht.

Mijn kind heb ik al jaren niet gezien; hij is meerderjarig geworden. Ik ben nu opgehouden met voor hem te betalen. Hij schrijft mij dat ik daar nog steeds toe verplicht ben. Wat nu?
Hij heeft gelijk (tot zijn 21e verjaardag) als hij een opleiding volgt. Als u het over uw hart kunt verkrijgen, schrijf dan een kort zakelijk briefje waarin u zegt onmiddellijk te zullen storten wanneer u een bewijsstuk ontvangt dat hij inderdaad een opleiding volgt. Bewaar vooral een kopie van uw brief voor het geval hij het LBIO inschakelt.

Als een kind 12 wordt, mag hij toch zelf kiezen (waar hij wonen wil, hoe hij heten wil, of hij omgang wil)?
Als een kind 12 wordt, mag hij HELEMAAL NIET ZELF KIEZEN. Hij woont waar hij woont en heeft niets in te brengen. Wel zijn rechters verplicht kinderen van 12 jaar en ouder op te roepen om gehoord te worden in kwesties die over hen gaan. Let wel: verplicht om op te roepen, niet verplicht om te horen. Als de oproept het kind dus niet bereikt, is toch aan de wet voldaan. Een kind van minstens 12 jaar heeft wel vetorecht bij naamswijziging (niet bij medegezag voor de partner van een gezagsouder!), maar hoe geïndoctrineerd is het kind? De grens van 12 jaar houdt dus in dat kinderen in een heel belastende situatie gebracht kunnen worden, maar niet dat kinderen iets te zeggen of te kiezen hebben. Wel kan iedereen zich erachter verschuilen: de minderjarige heeft te kennen gegeven …

Mijn kind wil bij mij wonen, maar de andere ouder zal het nooit goed vinden. Wat nu?
Als u echt denkt dat het belang van uw kind ermee gediend is (als bijvoorbeeld er sprake is van een nieuwe liefde die zich onaangenaam gedraagt tegenover uw kind) kunt u overwegen om samen met het kind een plan te maken. Laat hij proberen het uit te houden tot hij minstens 14 is, en dan naar u toekomen en weigeren terug te gaan. Maar weet heel goed waar u aan begint. Zal hij de enorme druk die er dan komt kunnen verdragen? Maar soms is het nodig en dan kan men het niet overlaten aan de instanties.

Ik ben grootouder en zie mijn kleinkind nooit. Wat kan ik doen?
In werkelijkheid niets. U kunt als u alles geprobeerd hebt wat wij hierboven een ouder in dezelfde positie aanraden de rechter een omgangsregeling vragen (art.1:377f BW). Het mooiste zou zijn als de rechtbanken verstopt raken door de verzoekschriften van grootouders die contact met hun kleinkinderen vragen, maar grootouders die daaraan beginnen moeten goed weten, dat ze het niet voor zichzelf doen maar eigenlijk voor anderen. De kans dat de rechter de omgangsregeling toekent is klein, en de kans dat een opgelegde omgangsregeling nagekomen wordt, is nog kleiner. Doe wat vaders in een dergelijke situatie kunnen doen: probeer af en toe eens op te bellen, stuur een kaartje met een vrolijke onschuldige tekst, stuur een cadeautje met een verjaardag.
Ouders hebben recht op informatie tegenover derden. Grootouders hebben dat niet.

Kan een kind zelf iets ondernemen i.v.m. omgang?
Ja! Artikel 1:377g BW luidt: “De rechter kan, indien hem blijkt dat de minderjarige van twaalf jaar of ouder hierop prijs stelt, ambtshalve een beslissing geven op de voet van de artikelen 377a, 377b of 377f, dan wel zodanige beslissing op de voet van artikel 377c van dit boek wijzigen. Hetzelfde geldt indien de minderjarige de leeftijd van twaalf jaren nog niet heeft bereikt, maar in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake.”
377a lid 1: Het kind en de niet met het gezag belaste ouder hebben recht op omgang met elkaar.
377b lid 1: De ouder die met het gezag belast is, is gehouden de niet met het gezag belaste ouder op de hoogte te stellen omtrent gewichtige aangelegenheden met betrekking tot de persoon en het vermogen van het kind en deze te raadplegen - zo nodig door tussenkomst van derden – over daaromtrent te nemen beslissingen. Op verzoek van een ouder kan de rechter ter zake een regeling vaststellen.
377e lid 1: De rechtbank kan op verzoek van de ouders of van een van hen een beslissing inzake de omgang alsmede een door de ouders onderling getroffen omgangsregeling wijzigen op grond dat nadien de omstandigheden zijn gewijzigd, of dat bij het nemen van de beslissing van onjuist of onvolledige gegevens is uitgegaan.
377f lid 1: Onverminderd het bepaalde in artikel 377a, kan de rechter op verzoek een omgangsregeling vaststellen tussen het kind en degene die in een nauwe persoonlijke betrekking staat tot het kind. De rechter kan het verzoek afwijzen, indien het belang van het kind zich tegen toewijzing verzet of indien het kind, dat twaalf jaar of ouder is, bezwaar maakt.

Dit houdt dus in dat iedereen, dus een tante of een buurman of het kind zelf, de rechter een briefje kan sturen, waarin staat dat hij zeker weet dat Pietje Jansen naar zijn vader/moeder verlangt, maar zich niet vrij voelt eenvoudig te gaan of dit te vragen. De rechter kan dan ambtshalve, dus zonder dat er een verzoekschrift is binnengekomen, een omgangsregeling vaststellen. Wij moeten er wel bij zeggen dat wij nog nooit gehoord hebben dat het gebeurde. Maar wat heb je te verliezen?

Ik heb de indruk dat er niet goed voor mijn kind gezorgd wordt. Zal ik een ondertoezichtstelling vragen?
De kans dat die ots oplevert wat u hoopt (betere verzorging) is klein. Er is wel oorlog met de verzorgende ouder. Is de situatie dan beter voor uw kind?

Mijn kind is onder toezicht gesteld. Heb ik er iets mee te maken, ik heb geen gezag.
Jawel. U wordt opgeroepen en gehoord als het om verlenging gaat (u hebt recht op inzage in de stukken), u hebt recht op informatie over uw kind van de gezinsvoogd (trouwens van iedereen die beroepshalve over informatie oer uw kind beschikt, niet van pleegouders omdat die niet als beroeps worden beschouwd).

Mijn kind is onder toezicht gesteld. Ik heb ouderlijk gezag en wil helemaal geen ots.
Vraag na 6 weken het behandelplan. Als het er nog niet is: vraag opheffing ots aan de rechter.
U kunt u altijd tot de rechter wenden en gemotiveerd beëindiging ots vragen. Een reden kan zijn dat de gezinsvoogd helemaal geen contact met het kind zoekt, er in feite alleen een papieren ots bestaat.

Mijn kind is op advies van de huisarts helemaal vrijwillig, ter observatie i.v.m. gedragsproblemen in een instelling geplaatst. Wij worden behandeld alsof wij niet de ouders zijn. Wij hebben geen vertrouwen. Wat adviseert u?
Haal hem er weg en doe het snel. Er is een goede kans dat de instelling een ots gaat vragen “om de hulpvraag veilig te stellen”, dus om de ouders te dwingen hem terug te brengen. Hoe langer hij er dan geweest is, hoe sterker de instelling staat.

Mijn kind is in een pleeggezin omdat ik overspannen ben geweest, en nu krijg ik hem niet terug.
Als er geen ondertoezichtstelling met uithuisplaatsing is, dus als het werkelijk vrijwillig is: haal hem als de bliksem weg. Als hij er al langer dan een jaar is, heeft het pleeggezin “blokkaderecht”, d.w.z. dat zij toestemming moeten geven. De rechter kan vervangende toestemming geven. Blokkaderecht of niet, gewoon weghalen kan heel doeltreffend zijn. Als er wel een uithuisplaatsing is op grond van een ots, hebt u toestemming nodig van de gvi of anders van de rechter. Het kind kan als hij daar oud genoeg voor is zelf teruggaan naar huis, daarna dient u samen met het kind een verzoekschrift beëindiging uithuisplaatsing in bij de rechter.

Mijn kind is 15 en doet alles wat ik niet wil. Zal ik een ondertoezichtstelling vragen?
Dat de gezinsvoogd uw kant kiest is niet gegarandeerd. Er is een goede kans dat uw kind gesteund wordt in alles wat u niet goed vindt. Denk er nog maar eens goed over na. Misschien kunt u iemand vinden die respect afdwingt bij uw kind, naar wie hij wel luistert. Dat is in principe beter dan een gezinsvoogd, die de macht heeft dingen te beslissen voor uw kind die u niet wilt.

Mijn kind is weggelopen om zijn zin door te drijven. Zal ik hem maar een poosje laten betijen?
Als hij op een voor u vertrouwd adres is, kan dat misschien wel. Anders: zo snel mogelijk terug proberen te (laten) halen, GEEN INSTANTIES INSCHAKELEN.

Ik heb geen ouderlijk gezag. Mijn kind dreigt geadopteerd te worden, wat kan ik doen?
Een ouder die geen ouderlijk gezag heeft, heeft in principe vetorecht i.v.m. adoptie (al dan niet door de partner van de andere ouder). Hij heeft echter geen vetorecht als hij het kind niet heeft erkend of hij nauwelijks met het kind in gezinsverband heeft geleefd of hij de verzorging en opvoeding van het kind op grove wijze heeft verwaarloosd of hij onherroepelijk is veroordeeld wegens het plegen tegen het kind van een van de misdrijven, omschreven in de titels XIII-XV en XVIII-XX van het tweede boek van het Wetboek van Strafrecht (o.a. een kind gebruiken voor pornografie).


U hebt recht op inzage van het dossier over uw kind.

Wie recht heeft op inzage, heeft automatisch ook recht op kopie van het dossier. Wij raden u aan het dossier eerst in te zien: zo ziet u misschien iets wat niet meegekopieerd zou worden.

Onderdeel van het dossier is het contactjournaal. Hierin wordt genoteerd met wie iemand contact heeft gehad over uw kind, wanneer, wat het gespreksonderwerp is geweest en welke afspraken er zijn gemaakt.

Het is aan te bevelen ook uw eigen contactjournaal bij te houden. Met wie hebt u over uw kind gesproken, wanneer, waarover, welke afspraken zijn er gemaakt? Die dit ook met de (telefoon)gesprekken met uw advocaat. Op welke datum hebt u aan wie welke brief gestuurd? Op welke datum hebt u van wie welke brief ontvangen (was de datum poststempel ook de datum boven de brief?). Doe dit ook met brieven aan en van uw advocaat.

Alles genummerd en op datum in een map spaart een hoop gezoek, bijvoorbeeld tijdens een zitting bij de kinderrechter.

Probeer iedereen die een contactjournaal over uw kind bijhoudt, te verleiden er een door de gesprekspartner afgetekend contactjournaal van te maken.

Ook de school van uw kind houdt een dossier over hem bij. U zult misschien nog versteld staan van wat daar allemaal in zit! Zie de brief over schooldossiers van het College Bescherming Persoonsgegevens op deze site in de map Verzonden en ontvangen stukken.


Aan het Bestuur van stichting Vedivo
Postbus 8014
Utrecht

Geacht Bestuur,

Op Internet hebben wij uw brief van 11 april 2000 aan de directeuren van de (gezins)voogdij-instellingen gevonden, kenmerk 600-000411. Deze brief heeft ons geschokt.

Wij begrijpen uit de brief dat u het contactjournaal beschouwt als interne rapportage, die noodzakelijk zou zijn om “toezicht uit te oefenen op de uitvoering en voortgang van het hulpverleningsproces.” Voorts staat in de brief dat het “voor de kwaliteitsbewaking van het werk essentieel” is juist “een subjectief beeld” van een zaak te kunnen krijgen. Dit subjectieve beeld wordt gevormd door de “eigen gedachten, interpretaties en mening over de zaak” van de maatschappelijk werker.

U schrijft dat het “niet de bedoeling” is dat bijvoorbeeld een Rechtbank een contactjournaal onder ogen krijgt. Wij zouden graag van u vernemen

· waarom u niet wilt dat een rechter kennis neemt van de visie van de maatschappelijk werker op een zaak;

· waarom u niet wilt dat een rechter kennis neemt van wat u niet alleen belangrijk, maar zelfs essentieel acht voor de kwaliteitsbewaking van het werk;

· hoe het mogelijk is dat u van mening bent dat een rechter tot de meest verantwoorde beslissingen komt op basis van een rapport, opgesteld door maatschappelijk werker in samenwerking met gedragsdeskundige en leidinggevende (“een weloverwogen en meer objectief rapport”), terwijl voor de kwaliteitsbewaking van het werk het voorstadium hiervan (?) essentieel zou zijn;

· waarom u het noodzakelijk acht dat naast officiele documenten er niet-officiele documenten bestaan;

· waarom u het ongewenst vindt dat ouders kennis nemen van “eigen gedachten, interpretaties en mening” van de gezinsvoogd over hun gezin.

Wij stellen het zeer op prijs als u deze vragen ruim voor 17 mei beantwoordt, zodat wij onze positie kunnen bepalen.

Hoogachtend,





Beste mensen.

De Provinciale Klachtencommissie Groningen heeft in een klachtzaak Hop namens klager X bepaald dat de GVI het contactjournaal zodanig moet inrichten dat dit aan ouders gegeven kan worden, bijvoorbeeld voor het onderbouwen van klachten.

De Provinciale Klachtencommissie Noord-Brabant heeft in een klachtzaak Hop namens klager X bepaald dat klachten GEGROND zijn verklaard omdat het aan de GVI is BIJVOORBEELD AAN DE HAND VAN CONTACTJOURNAAL haar beweringen/stellingen te bewijzen. Bewijslast bij de GVI gelegd.

Dit zijn zeer belangrijke uitspraken.

Ik roep iedereen op vooral te klagen over weigeringen contactjournaal en naar deze uitspraken te verwijzen.

Ik ben van mening dat met deze twee uitspraken de basis is gelegd voor afgifte van complete contactjournalen aan ouders door de GVI maar dat de GVI nog best even zullen tegenwerken om aan deze afbraak van hun macht te wennen en de noodzakelijke openheid te verschaffen.

Ik ga dus door met de contactjournalen maar ga me nu ook meer concentreren op afgifte van WERKAANTEKENINGEN uit het dossier van de GVI. Dat zal moeilijker worden dan de contactjournalen.

Ik verzoek het Platform zorg te dragen dat iedereen met hun neus een kant op gaat staan om zo snel mogelijk afgifte complete contactjournalen af te dwingen en daarna de strijd aan te gaan met de werkaantekeningen van de GVI.

Hopend dat jullie mijn werk in deze willen steunen in die zin dat ik niet (meer)
uit onverwachte hoek wordt tegengewerkt om deze stukken openbaar te krijgen en toegankelijk voor alle ouders.

Tenslotte HOERA voor beide bovengenoemde BONAFIDE PROVINCIALE
KLACHTENCOMMISSIES.

Met vriendelijke groet,

Jan Hop.
juli 2000



Regels voor instanties

Als u te maken krijgt met de kinderrechter, de raad voor de kinderbescherming of een gezinsvoogdij-instelling/bureau jeugdzorg, is het nuttig om enigszins op de hoogte te zijn van de regels die zij behoren te hanteren.
Wees er dus alert op dat dit ook gebeurt.

In Boek I van het Burgerlijk Wetboek vindt u de wetsartikelen die gaan over

gezag over minderjarigen
kinderbeschermingsmaatregelen
omgang en informatie na uit elkaar gaan van ouders

Hierin in afdeling 3, dat is artikel 238 t/m 243, vindt u taken en bevoegdheden van de raad voor de kinderbescherming.
Daarna zijn van direct belang de artikelen 251 t/m 253h en art. 253s, en 253sa t/m 274 en verder 377a t/m 377h

Het is handig als u thuis een wetboek hebt. Wij bevelen aan de Ars Aequi editie van het Burgerlijk Wetboek. Dit is de goedkoopste uitgave, € 15,90 voor de laatste druk op dit moment, de 12e (2003/2004). Als de Wet op de jeugdzorg wet wordt, worden er tegelijkertijd enkele artikelen in het BW gewijzigd.

Het is goed om te kunnen nalezen wat de wet zegt, maar die wet interpreteren is niet altijd simpel. Daar komt dan nog bij, dat rechters soms dingen doen die helemaal niet kunnen, zoals een ondertoezichtstelling uitspreken zonder dat er een verzoekschrift was en de ouders dus ook niet voorbereid waren (zitting over ondertoezichtstelling 1 kind, afspraak met vertegenwoordiger raad voor de kinderbescherming om er ots voor 2 kinderen van te maken, meegemaakt met raad voor de kinderbescherming/kinderrechter Amsterdam).

Bovendien komt daar bij, dat gezinsvoogdij-instellingen menen zich niet altijd aan de wet te hoeven houden en ook rechterlijke beschikkingen niet altijd uit te hoeven voeren. Daarmee heeft de jeugdbescherming zich tot een staat binnen de staat gemaakt.


Richtlijnen voor het (laten) verrichten van extern onderzoek (gewijzigd per 1 september 2004) onderdeel van het Normenrapport, zie www.kinderbescherming.nl
Per 1 januari 2010 is het Normenrapport vervangen door Kwaliteitskader 2010. Ook hierbij zijn deze richtlijnen nog van kracht.


Ga terug