Stichting KOG
U bekijkt nu de pagina: Actualiteit
<< vorige pagina   
print pagina
 

Trouw van 21 november 2017 paginagroot artikel over geweld na uithuisplaatsing

Actualiteit >>

Een donateur van KOG schreef het volgende:

De Cie De Winter heeft heden een begin gemaakt met het publiceren van bevindingen, en aangekondigd dat er nog een groot aantal specifieke deelpublicaties zal volgen, waarin gegevens worden verzameld uit specifieke behandelinstellingen.

Over de ernst, aard, en omvang van het gemelde geweld wordt beschreven dat hierbij vooral sprake is van direct door pupillen ervaren vormen van geweld zoals fysiek geweld, nalatigheid en verwaarlozing, intimidatie enz. zowel tijdens het verblijf binnen pleeggezinnen als andere vormen van institutionele opvang.

 

In bovenstaande samenvatting ontbreken de onzorgvuldige rapportages van jeugdfeitenonderzoek (de term is voorgesteld door de Kinder Ombudsman, Is de Zorg Gegrond? 2013), waarin het recht van het kind (IVRK) op goede informatievoorziening en waarheidsvinding wordt geschonden. Kinderen beseffen dat vaak niet direct. Toch blijft de herinnering aan onrecht vaak knagen.

 

Deze schendingen zijn echter al aanleiding geweest voor de dissertatie van de huidige Kinder Ombudsvrouw in 1996. Als logisch gevolg daarop is de publicatie "Het Belang van het Kind in het Nederlands Recht" (Kalverboer &

Zijlstra,2006) verschenen. De zorgvuldig gevalideerde Vragenlijst Ontwikkelingsvoorwaarden in dat boek biedt een instrument om genormeerd jeugdfeitenonderzoek te rapporteren aan de rechtbanken, en daarmee ook een gestandaardisserd afwegingskader voor beslissingen in problematische opvoedsituaties. NB: Ik ben de toepassing in geen van de honderden dossiers in Haaglanden tegen gekomen, die ik heb ingezien. 

 

Deze schendingen zijn ook al gesignaleerd en onder de aandacht gebracht van de Tweede Kamer en beleidsverantwoordelijke officials in 2011 door LOC in de Brochure Waarheidsvinding in de Jeugdzorg. Als vervolg daarop werd door de toenmalige Kinder Ombudsman in 2013 een eerste globale verkenning gepubliceerd van de tekortkomingen in het jeugdfeitenonderzoek, zoals de verschillende belanghebbenden daarover aan hem hebben gerapporteerd. De bevindingen zijn in voorzichtige termen, globaal uitgedrukt, maar de aanbevelingen voor nader onderzoek zijn indringend genoeg geweest.

 

Het overzichtsartikel van mr. Huijer (NJB, 2014) laat zien dat er daarna opvallend weinig verbetering op gang is gekomen. Ook in dit overzicht komt naar voren dat de rechtszekerheid van het kind en diens wettelijke vertegenwoordigers ten opzichte van de overheid vaak te wensen overlaat, en dat de klachten over schendingen van het recht op goed feitenonderzoek naar alle waarschijnlijkhied vaker terecht zijn dan de professionals willen erkennen. "Waarschijnlijk" omdat er ook opvallen weinig harde gegevens over beschikbaar waren.

 

Het Rapport "Het Wijkteam en Kwetsbare Gezinnen" (GTJ,2017) beschrijft dezelfde tekortkomingen die al jaren worden gesignaleerd, maar nu aan de hand van acht deelrapporten met een nauwkeuriger toetsing van deugdelijkheidseisen conform inmiddels ontwikkelde normenkaders.

De gezamenlijke inspecties hebben dit onderzoek ingesteld n.a.v. de conferentie "Calamiteiten 2", en komen tot de slotsom dat de jeugdhulp bij nadere analyse van de uitvoering op casus-niveau TE VEEL, TE VAAK ONVOLDOENDE is gebleken. Dit oordeel geeft voor her eerst een weerwoord op de standaard-reactie van professionals op klachten van clienten over onvoldoende "waarheidsvinding" dat een gesignaleerde tekortkoming altijd om een enkel incident gaat, tegen de achtergrond van een grote hoeveelheid deugdelijk uitgevoerde interventies.Het GTJ zegt onomwonden: TE VAAK ONVOLDOENDE JEUGDHULP VAN GOEDE KWALITEIT.

 

De conclusies uit de multidiciplinaire regio-bijeenkomsten op het Congres "Waarheidsvinding in de Jeugdzorg" ondersteunen voorgaande bevindingen met sterke aanbevelingen om op korte termijn aanzienlijke verbeteringen in de taakstelling en werkwijze van de overheidsinstellingen binnen het gehele stelsel in de jeugdzorg op gang te brengen. Uit alle aanwezige geledingen werd adhesie betuigt met het voornemen om een "actie-plan waarheidsvinding"

voortvarend en breed gedragen op gang te brengen. Uit diverse mondelinge en schriftelijke bijdragen bleek dat nog steeds kan worden gesproken van regelmatig voorkomende schendingen van het recht op goed jeugdfeitenonderzoek. Niet alleen kinderen zijn daardoor gedupeerd, maar ook professionals worden daardoor belemmerd in de goede uitoefening van hun metier.

 

Onzorgvuldig jeugdfeitenonderzoek is een risico-factor die door het onderzoek van de Cie. De Winter ongetwijfeld ook zal worden gesignaleerd.

Sinds jaar en dag wordt binnen de jeugdzorg het mantra gehoord" wij doen niet aan waarheidsvinding". Dit standpunt is weliswaar formeel, aan de tekentafel, verlaten. Maar op de werkvloer wordt dit nog onverkort door medewerkers aan clienten meegedeeld.

Het congres heeft aandacht gevestigd op het feit dat de Wijkteam en de G.I. door toepassing van "drang" en "dwang" in feite een deel van het gezag en de verantwoordelijkheid van ouders overnemen. Het ligt daarom in de rede dat de jeugdzorg daarom ook net als ouders op het kenmerk:"risico-factor" of "beschermende factor" naar analogie van de Meldcode Kindermishandeling worden beoordeeld.

 

Het zal voor het "actieplan waarheidsvinding" informatief kunnen zijn, om uit de publicaties van de Cie De Winter na te gaan in hoeverre de waarheid in de rapportages van de onderzochte instellingen zelf geweld werd aangedaan. Ik heb in mijn werkzame jaren daarvan genoeg voorbeelden meegemaakt om aan te bevelen dat dit aspect in de onderzoeken wordt meegenomen.

 

De CBS publicatie "Veilig Thuis 2017", eerste halfjaar toont ook nog steeds een beeld van TE VAAK ONVOLDOENDE VOLLEDIGE, BETROUWBARE, RELEVANTE uitvoeringsgegevens. Conclusies mogen daaran nog niet worden vebonden volgens de onderzoekers.De cijfers doen mij denken aan de conclusies van Tavecchio dat bevindingen uit huidig jeugdfeitenonderzoek nog steeds op niet meer dan toeval berusten. Een tombola dus.. Bij mijn voorlopige oordeelsvorming bekruipt mij een NIET-PLUIS-GEVOEL....

 


Ga terug