Stichting KOG
U bekijkt nu de pagina: Jurisprudentie i.v.m. ondertoezichtstelling
<< vorige pagina   
print pagina
 

GI in hoger beroep tegen niet-verlenging ots; Hof bekrachtigt niet-verlenging op 19-12-2017

Jurisprudentie i.v.m. ondertoezichtstelling >>

De ouders hebben ter zitting in hoger beroep een ongedateerde, getekende brief overgelegd van de school van [kind b] , waaruit naar voren komt dat hij een goed didactisch niveau heeft en goed meedoet in de klas. Zijn concentratie en inzet zijn goed en hij scoort goed op de methodetoetsen en de cito-toetsen. Sociaal-emotioneel is hij positief gegroeid, hij maakt vrienden, kan leuk buitenspelen en samenwerken gaat beter. Verder zijn er geen bijzonderheden, aldus deze brief.

5.6

Het hof overweegt als volgt.

Uit het hierboven onder 5.5 overwogene volgt dat met name ten aanzien van [kind a] in het verleden een onrustige situatie heeft bestaan, voortkomend uit spanningen tussen haar en haar ouders. Dit heeft geresulteerd in een ondertoezichtstelling en haar uithuisplaatsing gedurende enkele maanden. Gebleken is dat de ouders niet in staat waren de kinderen in die periode een stabiele opvoedomgeving te bieden waardoor zij ernstig in hun ontwikkeling werden bedreigd en een ondertoezichtstelling noodzakelijk was.

Ten aanzien van [kind b] is gebleken dat hij, als gevolg van het isolement van het gezin en het eenzijdig focussen op de cognitieve vaardigheden van [kind b] , op het gebied van zijn
sociaal-emotionele ontwikkeling onder het niveau van leeftijdsgenoten functioneerde. Zijn school heeft echter aangegeven dat hij thans op zowel cognitief als sociaal-emotioneel gebied goed functioneert, hetgeen door de GI ter zitting in hoger beroep niet is weersproken. [kind b] heeft op school de Rots en Water training gevolgd en zit, zoals in het gesprek voorafgaand aan de zitting met [kind b] zelf naar voren kwam, op voetbal. De wens van de GI om meer zicht te krijgen op zijn ontwikkeling en op hoe de ouders, nu [kind b] richting puberteit gaat, bij zijn ontwikkeling aansluiten is onvoldoende (concreet) onderbouwd. Hoewel het hof het zorgelijk acht dat de ouders nauwelijks hulp accepteren en zich hieraan steeds lijken te onttrekken en het onduidelijk is waarom de moeder een periode met [kind b] in India heeft verbleven, en hem derhalve aan het zicht van de ondertoezichtstelling heeft onttrokken, is gelet op wat hiervoor is overwogen op dit moment niet gebleken van een ernstige bedreiging in zijn ontwikkeling.

Dit leidt ertoe dat naar het oordeel van het hof de gronden voor verlenging van de ondertoezichtstelling van [kind b] ten tijde van de bestreden beschikking niet aanwezig waren en ook thans niet aanwezig zijn. Het hof zal de bestreden beschikking derhalve bekrachtigen.


Ga terug