Stichting KOG
U bekijkt nu de pagina: Jurisprudentie i.v.m. ondertoezichtstelling
<< vorige pagina   
print pagina
 

De ontwikkelingsbedreiging voor de kinderen bestaat in de strijd tussen de ouders over werkelijk alles. De ots is contra-productief

Jurisprudentie i.v.m. ondertoezichtstelling >>

Anders dan de raad is de rechtbank van mening dat de ondertoezichtstelling thans teveel verworden is tot een platform voor ouders om elkaar te bestrijden en hun eigen verantwoordelijkheid af te schuiven op derden. Een meer dwingende aanpak brengt in deze het risico mee van een neerwaartse spiraal. De rechtbank stelt voorop dat het de ouders zijn die verantwoordelijk zijn voor de opvoeding van de kinderen en hun welzijn en dat zij die niet kunnen af schuiven op bijvoorbeeld bureau jeugdzorg. Gelet op de zorgen die nu leven met betrekking tot kinderen is het van groot belang dat ouders hun verantwoordelijkheid nu ook daadwerkelijk gaan nemen. Kijkend naar de recente positieve ervaringen van bureau jeugdzorg in het kader van de aanwijzing om de communicatie tussen ouders op gang te krijgen, constateert de rechtbank dat het niet ondenkbeeldig is dat ouders dit positieve, maar weliswaar nog broze, begin aan communicatie alsnog verder kunnen uitbouwen, op voorwaarde dat het huidige platform om te strijden hen wordt ontnomen. Dit laatste voorkomt dat zij telkens maar weer bij (wisselende) anderen de verantwoordelijkheid kunnen leggen voor het oplossen van hun onderlinge problemen. Daarbij acht de rechtbank het van groot belang dat ouders enige vorm van vrijwillige hulpverlening, zoals bijvoorbeeld de door bureau jeugdzorg uitgestoken hand van het aanbod voor begeleiding op vrijwillige basis, aannemen. Met betrekking tot de problemen die de kinderen nu vertonen merkt de rechtbank op dat hulpverlening contraproductief is zolang de ouders blijven strijden. Bureau jeugdzorg legt dan ook terecht de aandacht bij de strijd van de ouders en het belang dat er nu rust wordt geschapen voor de kinderen door deze strijd te staken of zodanig op een zijspoor te plaatsen dat het hulpverlening aan de kinderen niet langer in de weg staat. Mocht blijken dat de ouders ook zonder de ondertoezichtstelling hun huidige strijd onverminderd blijven voortzetten, het aanbod van bureau jeugdzorg voor vrijwillige begeleiding niet aannemen of de zorg over de kinderen toenemen, dan acht rechtbank het allerminst ondenkbeeldig dat een verderstrekkende maatregel in beeld komt, zoals besproken ter terechtzitting. De rechtbank zal de ondertoezichtstelling niet verder verlengen en wijst derhalve het oorspronkelijke (nog immer voorliggende) verzoek tot (verdere) verlenging af.


Ga terug