Stichting KOG
U bekijkt nu de pagina: Actualiteit
<< vorige pagina   
print pagina
 

Brief Minister van Justitie aan Tweede Kamer over waarheidsvinding

Actualiteit >>

Tenslotte

Instellingen zijn zich bewust van het belang van objectieve onderbouwing van de conclusies in hun rapportages, óók wanneer het gaat om een professioneel «niet pluis»-gevoel. Zij hebben daarom doorlopend aandacht voor dit fundamentele aspect van hun werk, ook in overleggen met ketenpartners en de rechtbank. Periodiek regionaal overleg tussen rechtbank, RvdK, advocatuur en GI’s kan eraan bijdragen dat verzoekschriften voor kinderbeschermingsmaatregelen verder worden verbeterd.

Professionals werken veelal in zeer complexe situaties, waarin zij de ontwikkeling en veiligheid van het kind steeds voorop stellen. Ik heb veel waardering voor de manier waarop zij dat doen. Tegelijkertijd realiseer ik mij dat dit werk met zich brengt dat er situaties zullen (blijven) bestaan waarin cliënten en pleegouders zich niet of onvoldoende gehoord voelen of waarin geconstateerd wordt dat rapportages niet op orde zijn. De cliënten hebben daar, ook anno 2016, voorbeelden van. De nieuwe cultuur en manier van werken moeten helpen om dat zoveel mogelijk te voorkomen en, als het toch gebeurt, daarover in gesprek te gaan en fouten te herstellen of helder te maken waar de zienswijzen verschillen. Om die reden zijn de rechten van cliënten goed geborgd in de wet.

Tot slot is het aan de inspecties om toezicht te houden op de kwaliteit van het feitenonderzoek en de rapportage. In het toezicht blijft dan ook aandacht voor dit onderwerp.

Ik meen dat met deze waarborgen en de in gang gezette verbetermaatregelen al het mogelijke wordt gedaan om de kwaliteit van het onderzoek en de rapportages te verzekeren en waar nodig te verbeteren.

De Minister van Veiligheid en Justitie, G.A. van der Steur


Door te klikken op 31839 bovenaan bij de brief van de Minister, komt u op alle stukken in dit verband van en voor de Tweede Kamer.


Ga terug