![]() |
||||
|
||||
|
|
Slotbeschouwing Beslissingen omtrent de omgang of de hoofdverblijfplaats van een kind neemt de rechter na zich te hebben laten adviseren door de Raad voor de Kinderbescherming of andere betrokken instanties. Indien het kind onder toezicht is gesteld, laat de rechter zich daarover ook adviseren door het Bureau Jeugdzorg. De informatie waarop Bureau Jeugdzorg zich bij haar advies baseert speelt dus een grote rol en moet juist zijn. Belangrijk is dat een rechter daaruit kan opmaken wat feiten zijn, en wat meningen en /of de interpretatie van de betrokken gezinsvoogd zijn. In dit geval was er sprake van beschuldigingen tussen partners over en weer. Dit soort informatie mag niet als feit worden opgenomen als niet vast is komen te staan dat dit daadwerkelijk is gebeurd. Wanneer er sprake is van een beschuldiging van gepleegd huiselijk geweld, moet er worden nagegaan of hiervan ook aangifte is gedaan en of er daarna tot vervolging is overgegaan en in de rapportages worden vermeld. Tenminste moet de mening van de beschuldigde over het vermeende huiselijk geweld in de rapportages worden opgenomen. De stelling van de Raad voor de Kinderbescherming of van Bureau Jeugdzorg dat er niet aan waarheidsvinding wordt gedaan, is geen vrijbrief om de mening van één van de strijdende partijen zonder verifiëring in de rapportages op te nemen. Van instanties als Bureau Jeugdzorg en de Raad wordt een meer actieve houding verwacht. Indien zij een verklaring belangrijk vinden om daarmee een bepaalde beslissing te rechtvaardigen dan moet zoveel mogelijk de ware toedracht worden onderzocht. Alleen de beweringen die getoetst zijn kunnen als feiten in de rapportages worden opgenomen zodat de rechter zich daarover een gemotiveerd oordeel kan vormen. Anders verwoord: De nationale ombudsman is van mening dat waarheidsvinding in de Jeugdzorg verplicht is indien beslissingen worden gebaseerd op verklaringen c.q. beschuldigingen die door een strijdende partij worden geuit. Het Landelijk Bureau is van mening dat de RvdK wel degelijk aan waarheidsvinding doet / moet doen. Zie Correspondentie met de RvdK, brief van KOG van 24 januari 2011: "U levert geen commentaar op agendapunt 2, 3e en 5e sterretje. De Raad voor de Kinderbescherming is het dus zonder meer eens met ”rapporten van bureaus jeugdzorg / AMK’s moeten wel degelijk getoetst worden. Wat daarin staat mag niet zonder meer beschouwd worden als een objectieve weergave van de feiten.” en “een kopie van het dossier moet zonder meer en zonder vertraging verstrekt worden; vragen als “waar hebt u het eigenlijk voor nodig” zijn ongepast; men moet rustig kunnen bekijken waar men kopie van wil ontvangen.” Kijkt u vooral ook op www.peterprinsen.nl daarin Entrée, daarna waarheidsvinding. Ga terug |
|||
| Design: YZE WebDesign | K.v.K. 30.19.00.06 | Disclaimer | |||